DE B-SERIE
De Type A wordt opgevolgd door de B2, die is voorzien van een nieuwe motor met meer vermogen en een verbeterd koelsysteem. De B2 bewijst zich al snel als een robuuste auto en wordt een groot commercieel succes. In 1924 is de B2 in twaalf uitvoeringen leverbaar, plus drie uitvoeringen met de naam B10, die zijn voorzien van een nieuwe, volledig stalen carrosserie.
In 1925 worden de B2 en B10 opgevolgd door de B12, die leverbaar is in zes uitvoeringen met volledig stalen carrosserie en vijf uitvoeringen met een carrosserie van plaatwerk en hout. Bij de introductie van de B14 in het jaar erop verdwijnen deze laatste definitief uit de catalogus. In 1928, het laatste productiejaar van de B14, verschijnen er op basis van dit model een bedrijfsauto (de B15) en een zeldzame versie met een grotere spoorbreedte (de B18), bestemd voor de koloniën.
In dezelfde periode, van 1922 tot 1926, verkoopt CITROËN ook het kleine model 5HP, waarvan het beroemde Klaverblaadje (Trèfle) de bekendste uitvoering is.